Panorama Goirke
Startpagina | Inhoudsopgave | Lezingen | Uitgaven | Vrijwaring | Contact

op het web alleen op deze webstek
(om alleen op deze pagina te zoeken druk op Ctrl-F)
Zie ook:
Hoe oud is Tilburg?
De herdgang de Rijt in Tilburg en de
     daar gelegen hoeve Ter Rijt

Afstamming van de heren van Tilburg?
Het domein Korvel in Tilburg

Verwijzing naar de primaire schriftelijke bronnen vindt in hoofdzaak plaats in de aangehaalde literatuur.



Het leengoed Ter Rijt als domaniale kern van het dorp en de heerlijkheid Tilburg
door Martin W.J. de Bruijn

Te citeren als: M.W.J. de Bruijn, ‘Het leengoed Ter Rijt als domaniale kern van het dorp en de heerlijkheid Tilburg’ (www.broerendebruijn.nl/TilburgMarkt.html, versie van [datum], geraadpleegd op [datum]).

In augustus 2023 heeft er op de Oude Markt in het centrum van Tilburg een opgraving plaatsgehad, die verschillende vondsten vanaf de Volle Middeleeuwen heeft opgeleverd. Reden om nadere aandacht te besteden aan het leengoed de hoeve Ter Rijt als domaniale kern van het dorp en de heerlijkheid Tilburg.
Aanvulling van 24 oktober 2023:
Lauran Toorians stuurde mij een uitvoerig intern rapport met de titel 'Bureauonderzoek naar de archeologie, historische geografie en geschiedenis van de Heikese kerk / Oude Markt en omgeving in Tilburg' (mei 2023). Dit rapport is gemaakt in opdracht van archeoloog Guido van den Eynde om tezijnertijd een geïntegreerd verslag samen te stellen.
S.A.J.J. (Bas) Aarts stuurde mij ter aanvulling de titels van enkele artikelen toe, waarin de volmiddeleeuwse heren van Tilburg worden behandeld:
– 'Landen en Tilburg-Oisterwijk. Dynastieke banden en wederzijdse motte-burchten', Ons Landens Erfdeel 89 (2015) 1-10;
– 'De komst van de Giselberten naar Tilburg', Tilburg, tijdschrift voor monumenten en cultuur 34 (2016-2) 55-62;
–  'On "tombs" and mottes: Interdisciplinary research in Brabant, a "broken up" duchy',  in: Rural riches and royal rags?, red. M. Kars e.a. (Zwolle 2018) 201-205.



[1] In: Van heidorp tot industriestad. Verkenningen in het verleden van Tilburg. red. H.J.A.M. Schurink en J.H. van Mosselveld (Tilburg 1955) 29-76.


[2] Ald. 77-103.


[3] In: Actum Tilliburgis. Driemaandelijks tijdschrift van de Heemkundekring “Tilborch” 12 (1981) 18-28.


































[4] Oorkondenboek van Noord-Brabant tot 1312 [ONB], dl. I-1, uitg. H.P.H. Camps (’s-Gravenhage 1980) nr. 154, 164.
 

[5] Zie: A. Plevoets, ‘De afkomst van de Giselberten, heren van Tilburg’, Actum Tilliburgis 11 (1980) 5-15; M.W.J. de Bruijn, ‘Hoe is Tilburg aan zijn kerkpatroon gekomen’, ald. 2-3.


[6] ONB I-1, nr. 63.


[7] Ald.  nr. 154.


[8] Ald. nr. 152.


[9] Voor het meest recente overzicht van de middeleeuwse geschiedenis van Tilburg zie: Tilburg, stad met een levend verleden, red. C. Gorisse e.a. (Tilburg 2001). Hierin met name L. Toorians, ‘Heren en heerlijkheid’, 61-82, en L. Adriaenssen, ‘De eerste duizend jaar van Gods rijk in Tilburg. Kerk, parochie en geestelijkheid tot plusminus 1500’, 83-94.
De historische bronnen
 
In 1955 publiceerde H. Hardenberg een artikel in de bundel Van heidorp tot industriestad. In dit artikel, met als onjuiste titel ‘Het ontstaan van de vrijheid Tilburg’ – Tilburg is namelijk nooit een zogeheten vrijheid geweest –, presenteerde hij veel tot dan toe onbekende nieuwe gegevens over de middeleeuwse geschiedenis van het dorp.[1] Een tweede artikel in deze bundel, van de hand van P.C. Boeren, handelde over de geschiedenis van de parochie Tilburg vóór 1600.[2] Ook dit artikel bevatte veel nieuwe informatie over het middeleeuwse verleden.
 
In beide artikelen behandelden de auteurs een hoeve De Rijt bij de kerk van Tilburg, de voorloper van de tegenwoordige Heikese kerk. Beide kwamen ze tot de conclusie dat deze hoeve en de kerk tot een domein hadden behoord dat in de dertiende eeuw een leengoed vormde dat half behoorde aan de heren van Boxtel en half aan die van Gageldonk. Boeren eindigde zijn vertoog met de mededeling ‘dat de kerk van oorsprong een domaniale kerk, een eigenkerk van de heer van De Rijt is geweest’.
 
In 1980 heb ik de gegevens nog eens nagetrokken en de resultaten van mijn onderzoek gepubliceerd in het tijdschrift Actum Tilliburgis onder de titel ‘Twee hoeven ter Ryt. Een bijdrage tot de nederzettingsgeschiedenis van Tilburg’.[3] Ik kwam daarbij voor wat de hoeve bij de kerk betreft tot de conclusie dat deze hoeve niet tot de kern van het bezit van de twaalfde-eeuwse heren van Tilburg behoorde, met name omdat het goed al snel versnipperd was geraakt. Uit de erfenis van de heren van Tilburg is zoals gezegd de ene helft namelijk toegevallen aan de heren van Boxtel en de andere helft aan die van Gageldonk bij Breda.
 
Ik denk daar nu anders over en geef achteraf Hardenberg en Boeren gelijk (zie de webpagina De herdgang de Rijt in Tilburg en de daar gelegen hoeve Ter Rijt van de familie Bac): de kerk en de onmiddellijke omgeving daarvan vormden het domein waaruit Tilburg als dorp en als heerlijkheid is voortgekomen. Op grond van de tot nu toe bekende, voornamelijk schriftelijke bronnen houd ik het erop dat op dit domeingoed in de tweede helft van de twaalfde eeuw of rond 1200 door de Tilburgse heren een kerk werd gebouwd.
 
In deze tijd bestond Tilburg volgens de genoemde bronnen uit twee delen: Oost- en West-Tilburg. Oost-Tilburg werd gevormd door een bewoningskern bij burcht van de heer, het toen ontstane dorp Oisterwijk, met enkele noordelijk en oostelijk gelegen dorpen: Udenhout, Berkel, Enschot, Heukelom, een deel van Helvoirt en mogelijk ook Moergestel en Haaren. West-Tilburg was het tegenwoordige Tilburg en Goirle, dat waarschijnlijk rond deze tijd een afzonderlijk dorp met een eigen parochie is geworden. Tilburg en Goirle vormden samen een rechtsgebied, een eninge, waarvan de rechtbank, een burengerecht, de hoge jurisdictie uitoefende, dit wil zeggen de bevoegdheid om doodvonnissen en verminkende vonnissen uit te spreken. Toen er in Oost-Tilburg/Oisterwijk een hertogelijke schepenbank ontstond, kwam de burgerlijke rechtspraak van Tilburg en Goirle onder het Oisterwijkse gerecht te behoren.
 
Bestuur en rechtspraak werden hier in de Middeleeuwen georganiseerd door de heer. Waarschijnlijk waren dit in de eerste helft van de twaalfde eeuw, over een gebied waartoe ook de beide Tilburgen behoorden, de heren van Boxtel, op hun beurt afkomstig van Randerode (Randerath bij Heinsberg ten zuidoosten van Roermond). Door het huwelijk van een dochter van een heer van Boxtel met een uit Landen in het huidige België afkomstige edelman zal West-Tilburg een eigen heer hebben verkregen. Uit oorkonden daterend uit de eerste helft van de dertiende eeuw blijkt dat de Tilburgse heren – die de voornaam Giselbertus of Gijsbrecht droegen, vandaar de gegeven benaming Giselberten – ook rechten op de kerk hadden, maar dat zij deze rechten afstonden aan de norbertijner abdij Tongerlo in de Antwerpse Kempen.[4]

Aannemelijk is dat zij zelf in de twaalfde eeuw de Tilburgse kerk hebben gesticht. Dat valt af te leiden uit de kerkpatroon, de heilige Dionysius ofwel Sint-Denijs. De heren hadden namelijk ook in bezittingen ten zuiden van Leuven een domein Piétrebais met een Sint-Dionysiuskerk.[5] De oorspronkelijke kerk van West- en wellicht ook Oost-Tilburg lijkt Enschot te zijn geweest, gelegen precies op de grens tussen beide Tilburgen. In 1164 bezat de abdij Tongerlo het vierde deel van deze kerk, wat al wijst op versnippering.[6] Het begevingsrecht van Tilburg – het recht om een persoon als pastoor aan de bisschop voor te dragen – werd in 1232 door de hertog van Brabant, vrijwel zeker als rechtsopvolger van de heer van Tilburg, aan de abdij overgedragen.[7] Het begevingsrecht van Oost-Tilburg (Oisterwijk) had de hertog tezelfder tijd, in 12321, overgedragen aan de abdij van Sint-Geertrui in Leuven.[8]

 
(West-)Tilburg is ontstaan uit verschillende buurtschappen in het oostelijk deel van het dorp. Terwijl de kern van sommige van deze ‘herdgangen’ gevormd wordt door een driehoekig plein, zoals de Heuvel, Korvel, de Veldhoven, de Hasselt en de Heikant, hebben andere als kern een wat dichtere bebouwing langs een weg, zoals bijvoorbeeld de Stokhasselt langs de voormalige Stokhasseltstraat, en de Hoeven langs de Reitse Hoevenstraat. Opmerkelijk is dat de kerk niet in of aan een van deze kernen gebouwd is, maar daar tussenin op een domein.[9]

Plattegrond Verhees 1790
Het zuidwestelijk middendeel van Tilburg op de plattegrond van Hendrik Verhees van 1790. Het noorden ligt rechts. Het leengoed Ter Rijt, gehouden van de heren van Boxtel en Gageldonk, lag ten zuiden en ten westen van de kerk.





[10] G. van den Eynde, ‘Opgravingen Heikese kerk. Bijna 1000 jaar geschiedenis op de Oude Markt, Actum Tilliburgis 54-8 (oktober 2023) 4-5.



Tilburg Markt opgraving
Een beeld van de opgraving. Uit: Actum Tilliburgis 54-8, 5. Fotograaf niet genoemd.
Een opgraving op de Oude Markt
 
In augustus heeft er een opgraving plaatsgehad in de kern van dit domein, op de Oude Markt. Uit een eerste beknopt verslag lijkt de opgraving de resultaten van het archiefonderzoek tot nu toe te bevestigen, met dien verstande dat de oorsprong nog wat vroeger kan worden gedateerd.[10] Er werden sporen gevonden van een houten boerderij uit de twaalfde eeuw of nog ouder. Volgens de opgraver, de archeoloog Guido van den Eynde, bezat deze kern misschien al een bijzondere status, en anders zou hij die gekregen hebben bij de bouw van de kerk. Dit wordt niet nader toegelicht; een verwijzing naar het domeingoed Ter Rijt wordt niet gemaakt.
 
Over het uiterlijk en de omvang van de kerk kon niets worden gezegd. Dat is ook niet verwonderlijk, omdat de oudere kerk(en hoogstwaarschijnlijk onder de huidige Heikese kerk liggen. Wel werd een blok bewerkte tufsteen gevonden, dat mogelijk een deel was van een raamtracering, verder een zuiltje van Doornikse kalksteen, dat op de dertiende eeuw gedateerd werd. Het zou uit het interieur van de kerk afkomstig zijn. Volgens Van den Eynde is niet duidelijk wie de bouwheer van deze dertiende-eeuwse bouwfase was. De heren van Tilburg zouden volgens hem toen al van het politieke toneel verdwenen zijn. De nieuwe bouwfase zou dan gerealiseerd zijn door de hertog van Brabant, die in de voetsporen van de heren was getreden. Ook dit wordt niet nader toegelicht.
 
Door de bouw van de kerk zou de huidige Oude Markt een bijzondere status als centrale plek gekregen hebben. Ik denk dat het juist andersom is: op grond van de schriftelijke bronnen zal de kerk juist hier gebouwd zijn vanwege de bijzondere status van het goed Ter Rijt als centraal domein van de heren van Tilburg.
Plattegrond Markt 17de eeuw
Reconstructie van de plattegrond van de kerk en omgeving in de zeventiende eeuw. Linksonder de Markt. Tekening van fr. Domitianus Simons in: Historische Bijdragen van de Heemkundekring 'Tilborgh', jrg. 1, nr. 4 (september 1970) tussen 82 en 83.
Tilburg Markt Jan de Beijer 1742
De Markt in Tilburg in 1742 gezien vanuit het noorden door Jan de Beijer. Vóór de kerk is de kerkhofmuur met een poortje te zien. Regionaal Archief Tilburg, foto 027817.

Rond de tijd dat de kerk gebouwd werd zou volgens archeoloog Guido van den Eynde de houten boerderij verdwenen zijn zonder dat er nieuwe bewoning voor in de plaats kwam. Wel werd hierna het maaiveld opgehoogd met ongeveer een halve meter. Op het opgravingsterrein werden hierna lemen vloeren van huizen, begravingen, sloten, afvalkuilen, een bakstenen oven en een grote waterput gevonden. Van den Eynde noemt dit ‘een bijna stedelijk aandoende dynamiek’. Opmerkelijk is verder zijn idee dat rond 1500 ook hieraan een eind zou zijn gekomen toen er een marktplein werd ingericht en de begraafplaats rond de kerk werd ommuurd.
[11] L. Adriaenssen, ‘De eerste duizend jaar van Gods rijk in Tilburg. Kerk, parochie en godsdienst’, in: Tilburg stad met een levend verleden, red. C. Gorisse e.a. (Tilburg 2001) 83-94.

[12] De Bruijn, ‘Twee hoeven Ter Ryt’, 19.
Voorlopige balans
 
Gezien de resultaten van het onderzoek van zowel de geschreven als de archeologische bronnen tot nu toe ben ik geneigd te denken dat het domein Ter Rijt mogelijk al in de elfde eeuw bestond, dat zich daar een hoeve als kern bevond en dat vervolgens in de tweede helft van de twaalfde eeuw of omstreeks 1200 oostelijk daarvan door een heer van Tilburg een kerk gebouwd is, die aan Sint-Denijs werd gewijd. Na de liquidatie, althans opdeling, van het domein is hier geleidelijk een nederzetting ontstaan die onder de naam ‘Kerk’ opgenomen werd in de herdgang Kerk en Heuvel. De Markt, nu Oude Markt, vormde hiervan de kern, zoals nog steeds het geval is.

Een zekere cesuur in de ontwikkeling van het gebied zou een uitbreiding van de kerk kunnen zijn geweest, die rond 1430, in de Bourgondische bloeitijd, heeft plaatsgehad.[11]
Een en ander zou geleid kunnen hebben tot min of meer aaneengesloten bebouwing aan de noord- en de westzijde van het aldus ontstane marktplein. In deze tijd werd de hoeve Ter Rijt van de heer van Boxtel en de heer van Gageldonk in leen gehouden door Jan Bac Gielisz. [12] De familie Bac was de meest vooraanstaande familie in Tilburg, waaruit in de veertiende en vijftiende eeuw met name de schouten van de heerlijkheid Tilburg afkomstig waren. Ik houd het niet voor onmogelijk dat de Bac’en al vóór 1200 schouten, meiers en/of rentmeesters van de heren van Tilburg zijn geweest.
 
Vanzelfsprekend ben ik zeer benieuwd of verdere opgraving hier nog nieuwe gegevens gaat opleveren en uiteraard ook naar de uitwerking van het geheel in een uitvoeriger presentatie.


© 2023 C.J.C. Broer en M.W.J. de Bruijn. - Gepubliceerd 23 oktober 2023; laatst bewerkt 24 oktober 2023.